Eitjes laten uitkomen

Eitjes van wandelende takken moet je goed bewaren, zodat er jonge wandelende takjes uit komen. Voor sommige wandelende takken soorten, zoals psg 1 (indische tak), kan je het bijna niet verkeerd doen. Bijna alle opstandigheden zorgen ervoor dat vele kleine takjes geboren worden. Deze beschrijving gaat vooral om de soorten wandelende takken die iets meer aandacht nodig hebben.

eitjes

Eitjes van Extatosoma tiaratum.

Temperatuur
Bewaar de eitjes van wandelende takken op een temperatuur tussen de 20 en 30 °C. Als de omgeving niet warm genoeg is, kan je de eitjes verwarmen met een lamp of met een warmtematje.

Bewaren op vochtig keukenpapier
Alle soorten wandelende takken eitjes die niet in de grond of in bladeren gelegd worden, kunnen op deze manier behandeld worden. Voorbeelden van soorten zijn Extatosoma tiaratum, Phyllium sp. (wandelend blad), Peruphasma, Ramulus en psg 1. De eitjes van veruit de meeste soorten kunnen op keukenpapier methode worden gewaard zodat ze uit komen.

Neem een plastic bakje met luchtgaatjes, van minstens 10 x 10 x 5 cm grootte. Leg op de bodem een dikke laag keukenpapier of wc-papier. Maak dit een beetje nat met gewoon kraanwater. Bovenop het keukenpapier leg je de eitjes.

Sproei vervolgens een paar keer per week water over de eitjes met een plantenspuit. Hoe vaak je dit moet doen, hangt af van het aantal luchtgaatjes in jouw bakje en de vochtigheid van de ruimte waar het bakje staat. Sproei in ieder geval pas weer als het water van de vorige keer sproeien verdampt is. De eitjes mogen dus best een dagje droog liggen! Doe je dit niet, dan zal er schimmel ontstaan. Door schimmel gaan eitjes dood.

In plaats van keukenpapier kan je ook vermiculiet gebruiken. Dit is een mengsel van steentjes die veel vocht vast houdt, het wordt gebruikt in plantenteelt en als bodem voor reptieleneieren.

Bewaren in de grond
Sommige soorten wandelende takken leggen hun eitjes in de grond. Voorbeelden van soorten die dat doen zijn Heteropteryx dilatata en Eurycantha calcarata. Eitjes die in de grond gelegd worden, moet je ook bewaren onder de grond. Als je de eitjes niet in het terrarium van de wandelende takken wilt houden, kan je ze verzamelen en als volgt behandelen.

Neem een plastic bakje met luchtgaatjes en doe hier minimaal een laag van 5 cm aarde in. Dit kan potgrond of tuinaarde zijn. Aarde uit een bos kan ook, maar bevat waarschijnlijk teveel dode bladeren en hout e.d. waardoor het kan gaan schimmelen. Maak de aarde een beetje nat en meng het goed door elkaar. Vervolgens leg je de eitjes op de aarde en graaft ze voorzichtig ongeveer 2 a 3 cm in. Ze zijn dus volledig bedekt.

Houdt de aarde vochtig door zo nu en dan met water te sproeien. De aarde mag niet volledig uitdrogen. Hoe vaak je nieuw water moet toevoegen ligt aan de hoeveelheid luchtgaatjes in het bakje en de vochtigheid van de ruimte waar de eitjes staan.

Uitkomst
Zodra de jonge nimfjes verschijnen moet je ze verplaatsen naar een bak met voedsel en meer ruimte. Als er jonge wandelende takjes uitkomen met nog een eitjes vast aan hun pootje, of die er een beetje verfrommelt uit zien, dan is de omgeving te droog voor ze. Sproei dan wat vaker of de eitjes met water, zodat de andere wandelende takjes wel netjes uit hun ei komen.

Extatosoma tiaratum nimfje

Jong Extatosoma tiaratum nimfje, L2 formaat.

-->