Cubaanse Bladsprinkhaan

De Cubaanse bladsprinkhaan heeft de Latijnse naam Stilpnochlora couloniana. In het Engels wordt zij Giant Katydid genoemd. Het soort komt van nature voor op Cuba. Veel andere soorten bladsprinkhanen die lijken op dit soort komen voor in heel Zuid-Amerika.

bladsprinkhaan

Cubaanse bladsprinkhaan volwassen vrouw

Uiterlijk
De Cubaanse bladsprinkhaan is groen van kleur, soms limoen-groen en soms wat donkerder afhankelijk van waar hij is opgegroeid. De ogen zijn bruin van kleur en op het middenstuk van zijn lijf zit een zwart streepje. Bij een volwassen bladsprinkhaan liggen de vleugels naar achteren over het lijf en zien er precies uit als een glanzend groen blad. De nimfjes van dit soort hebben nog geen vleugels, zijn lichter groen van kleur met wat bruine vlekjes. Pasgeboren nimfjes zijn zwart met grijsbruin gevlekt.
Een volwassen vrouwtje heeft een lichaam van ongeveer 4 cm lang, maar de vleugels steken nog verder uit dan het lichaam. Het hele beestje is dan van kop tot vleugelpunt zo’n 7 cm lang. Mannetjes zijn iets minder fors maar wel ongeveer even lang als de vrouwtjes. De achterpoten van dit soort zijn ongeveer 7 cm lang! Zij kunnen hier uitstekend mee springen en kunnen lange afstanden afleggen.

Gedrag
Volwassen Stilpnochlora couloniana bladsprinkhanen zijn meestal vrij rustig en springen niet zo vaak. De eerste reactie op verstoring van een volwassen bladsprinkhaan is stil blijven zitten, terwijl de nimfjes juist meteen wegspringen. Als de verstoring ze te veel wordt zal een volwassen bladsprinkhaan wegspringen en kan een heel eind verderop weer landen, eventueel met behulp van zijn vleugels.
Dit soort is nacht-actief, dus zij zal rustig zijn gedurende de dag, maar zal rondlopen en eten als het donker is. Mannetjes kunnen een soort lied maken door hun achterpoten langs hun vleugels te wrijven. Dit doen zij om vrouwtjes aan de trekken. Dit geluid is niet erg storend zoals bijvoorbeeld bij krekels, omdat het van korte duur is en niet zo luid als bij krekels.

bladsprinkhaan

Volwassen vrouw - Cubaanse bladsprinkhaan

Huisvesting
Een terrarium of andere behuizing voor Cubaanse bladsprinkhanen moet voldoende ruimte hebben voor de dieren en hun voer. Een terrarium moet daarom minstens 30 cm hoog zijn. Een terrarium voor een koppel van deze bladsprinkhanen zou bijvoorbeeld 30 x 30 x 30 cm kunnen zijn. Groter is altijd beter. Op de bodem van het terrarium moet je iets leggen wat vocht vast houdt; potgrond, vermiculiet, houtsnippers e.d.
Het terrarium moet minstens 1 ventilatierooster hebben, maar meer is beter. Je kan dit soort zelfs in een terrarium houden die volledig uit gaas bestaat zodat de ventilatie maximaal is. De temperatuur voor dit soort moet tussen de 25 en 30° C liggen, iets warmer mag ook nog. In de nacht mag het afkoelen tot ongeveer 18° C.
Dit soort heeft een hoge vochtigheid nodig. Sproei daarom dagelijks of om de dag met een beetje water van een watersproeier / plantenspuit.
De nimfjes hebben een terrarium nodig waar het licht is. Zorg er dus voor dat er een lampje bij hun terrarium staat of dat ze voldoende zonlicht krijgen. Een glazen terrarium in direct zonlicht is echter ook dodelijk, omdat de temperatuur heel snel kan oplopen in zo een ”broeikas”.

Voeding en voeren
Cubaanse bladsprinkhanen eten bladeren van planten, maar niet alle planten. Zij eet bladeren van eik, braam, hazelaar, hypericum, vlinderstruik (Buddleja), appel, roos en meidoorn.
Plaats de takken met daaraan de bladeren in een beker water of vaasje, zodat ze vers blijven. Zorg er wel voor dat de nimfjes niet bij het water kunnen komen, want ze kunnen daar makkelijk in verdrinken.

Kweken van Cubaanse bladsprinkhanen
Het kweken van Cubaanse bladsprinkhanen is niet erg moeilijk. Zolang je de omstandigheden goed hebt en je een mannetjes en een vrouwtje hebt, kweken zij vanzelf.
Het vrouwtje legt haar eitjes in een rijtje aan een takje. Het ziet er heel vreemd uit; eerst kauwt ze aan het takje om de oppervlakte ruw en schoon te maken. Vervolgens legt ze heel netjes een rij eitjes als dakpannen over elkaar. Ze legt ongeveer 80 tot 150 eitjes in een zo’n rijtje!
Bewaar de rij met eitjes op een geschikte plek, dus tussen de 25 en 30°C en genoeg vochtigheid. Leg de eitjes niet neer, ze moeten hangen zoals het vrouwtje ze ook opgehangen heeft. Het duurt zo’n 40 tot 60 dagen voordat de eitjes uitkomen. De jonge nimfjes zijn heel erg kwetsbaar en heel klein. Ze lijken bijna doorzichtig. De nimfjes hebben een hoge luchtvochtigheid nodig, een lichte plek en genoeg verse blaadjes. De nimfjes kunnen allemaal samen blijven als er genoeg ruimte voor is.

bladsprinkhaan cubaans

Cubaanse bladsprinkhaan volwassen vrouw

-->